Een hemd maken lijkt heel eenvoudig. Toch zijn er bij Emanuel Berg dertig verschillende mensen en evenveel machines betrokken bij het maken van een hemd.

Het hemd bestaat uit de kraag, de yoke (schouderpas), de mouwen, het rugpand, de twee voorpanden, de lijst, de gusset (zadel), de manchetten, het mouwhuis en natuurlijk ook de fournituren als knopen en labels. De mooiste knopen zijn gemaakt van parelmoer, omdat die de mooie natuurlijke glans van de oesterschelp hebben. Een parelmoeren knoop voelt met de rug van je hand koud aan; een plastic knoop warm.

Het binnenwerk en de manier waarop die wordt aangebracht bepalen de stevigheid van de kraag, knopenlijst en manchet. Vaak is het binnenwerk van katoen dat al dan niet geplakt wordt aan de buitenstof. De stevigheid bepaalt het beeld van een hemd en daarmee ook of een kraag mooi in model blijft gedurende de dag en of hij ook fraai blijft staan zonder das. Ongeplakte kragen geven meer souplesse maar ook minder strijkgemak.

De kraagkeuze is afhankelijk van smaak, gezichtsvorm en doel. Hoe verder de kraag is weggesneden hoe formeler het hemd maar ook breder de nek oogt en hoe meer het hemd vraagt om een das. Een lange punt maakt een lang gezicht nog langer. De polosport staat bekend als de bakermat van de sportievere button-down. De tab-boord heeft ook zijn origine in Amerika en laat de das mooi naar voren komen maar maakt de hals optisch dikker.

Lees alles over het maken van een shirt in het boek Cotton to Shirt.